10 juni 2018

Man tegen natuur

De regentijd wil nog niet echt goed op gang komen, maar zo nu en dan valt er toch het nodige water. Alles is daardoor intussen al frisgroen aan het worden. Ook is de smog uit de lucht gespoeld en lijken de bergen, die in de droge tijd onzichtbaar zijn, nu weer zowat op loopafstand te liggen.


Zoals alles heeft dat ook zijn keerzijde: de natuur wil per se het door ons ingepikte landje terugveroveren. Daartoe zet ze twee middelen in: gras en kruidje-roer-me-niet.

Ik laat me ook niet onbetuigd en sla terug met de bosmaaier. "Aggut", hoor ik jullie nu denken. "Kruidje-roer-me-niet, dat is toch dat schattige plantje dat zo leuk haar blaadjes dicht vouwt als je ze aanraakt?" Dat klopt, maar laat dat schattig maar weg. Achterbakse loeders zijn het. Een beetje op het gevoel spelen: "o, alsjeblieft, roer me niet", en zielig je blaadjes dichtvouwen als je ze per ongeluk toucheren, dat kunnen ze goed. Maar intussen wel stekels maken die door je schoenen heenprikken, en overal in de tuin de grond uitschieten, zelfs waar verder niks groeien wil. De etterbakjes zijn zo'n beetje de enige die het ook in de droge tijd goed doen. Ze weten dat je dan een lange, diep gaande wortel nodig hebt, en gniffelen om het feit dat ze daardoor niet uit de grond te trekken zijn, los van dat niemand ze aan wil pakken met al die stekels.


Dus rest me niets anders dan zware middelen: de bosmaaier. Onverbiddelijk zwaait het snijblad voor me uit en sneuvelen de roermenietjes voordat ze hun blaadjes kunnen vouwen. Hahaaaa, dat zal ze leren. Helaas hebben de rotzakken een plan B. Waar je ze afknipt lopen minimaal 2 nieuwe stengels weer uit. In korte tijd zijn ze weer op hoogte. Inmiddels heb ik een wat zwaarder snijblad gemonteerd én geleerd hoe ik veel lager bij de grond kan maaien. Vergenoegd zag ik de afgelopen weken het gras opschieten, maar de kruidjes lieten zich niet meer zien. Ik had gewonnen.

De huftertjes zijn echter nog veel laagbijdegrondser dan mijn bosmaaier. Dat zag ik pas toen ik gras ging maaien. Het krmn-tje heeft zich ontwikkeld tot een bodembedekker. Lekker verstopt tussen het hoge gras kan het zo nietsvermoedende wandelaars prikken. Nu moest ik zo laag maaien dat de kluiten me om de oren vlogen. Na afloop was er helaas niet dat euforische gevoel van de eerste keren. Niet alleen omdat ik alleen maar af kan wachten wat dat k..kruidje nu weer voor verrassing in petto heeft, maar ook omdat ik bij een van mijn machtige maaibewegingen een nest met twee eieren blootlegde. Waarschijnlijk van het kiekhier-vogeltje. Dat is niet de officiële naam van dit kievit-achtige beestje, maar zijn roep klinkt als kier hier, kiek hier, kiek hier, dus we hebben ze maar zo gedoopt. Dan zie je maar wat je als stoere strijder tegen stekeligheden allemaal teweeg brengt. Ik heb de eitjes liefdevol toegedekt en mijn bosmaaier beschaamd opgeborgen.

De kruidje-klojos heb ik intussen laten weten dat dit geen vrijbrief is om weer voluit te gaan lopen groeien. Als ze zich weer laten zien gaat onverbiddelijk het mes erin, kiek-hier-eieren of niet. Ze zullen weten wie de baas is.

Intussen zijn we met het huis ook weer een paar stappen verder. De ramen en deuren zitten erin en we hebben een constructie gemaakt om de ramen, waarvan de scharnieren aan de bovenkant zitten, open te laten staan.

Aan de oost- en de zuidkant hebben we een extra constructie van bamboe laten maken met een grasdakje erop. Dat moet meer schaduw geven op de veranda's en voorkomen dat de zon het huis teveel raakt. Dat laatste zou tot een warmer binnenklimaat leiden en dat willen we niet.


Verder staat er nu een partij hout binnen die uiteindelijk een bed moet gaan vormen. De timmerman was weer thuis, maar zal nog wel wat tijd nodig hebben om te herstellen van het ongeluk. Zijn vrouw ligt nog in het ziekenhuis. Hij was blij dat we de klus zelf wilden afmaken. Als ik de boel hier zo zie staan verlang ik toch wel een heel klein beetje naar dat sleuteltje en die tekeningen van dat belastingontduikende Zweedse woonparadijs.


Bij een bedrijfje dat oude meubels restaureert hebben we een aantal kasten gekocht om tegen de raamloze westmuur te zetten. Gisteren zijn die afgeleverd (op eentje na dan, maar die halen we morgen zelf dan maar even op) en vandaag hebben we de eerste dozen boeken meegenomen en de eerste van de kastjes ingericht.


Vandaag zijn er nog drie flinke bomen gebracht, die hopelijk ook snel voor wat extra schaduw gaan zorgen aan de oostkant.


Het wachten is nu vooral nog op het voltooien van het zonne-energiesysteem. De inverter, zeg maar de regelkast, staat nog bij de douane. De planning is nu dat het zaterdag de 16e wordt afgemaakt. Maarja, This Is Thailand.

Korte impressie op youtube