29 mei 2022

Er werken echte mensen op de bank

Van buiten lijken Thaise banken veel op de Nederlandse. Grote glimmende kantoren op dure locaties. Maar zodra je hier een bank binnenstapt is er een enorm verschil met Nederland zichtbaar. In een Thaise bank zie je namelijk mensen. Er zijn balies waar medewerkers achter zitten, en in ruimte tussen al die balies zijn stoelen waarop mensen op hun beurt zitten te wachten. Eigenlijk is dat grote verschil al zichtbaar voordat je de bank binnenstapt. Als je aan komt rijden staat er al iemand buiten op de parkeerplaats die je naar een vrij plekje dirigeert en er met wilde armgebaren en veel geblaas op een fluitje voor zorgt dat je auto tot op de centimeter op de juiste plek komt te staan.

10 mei 2022

De wraak van de millimetermiertjes

Het regent en vanmiddag was het nog geen 30 graden. Dat is bijzonder, want april en mei zijn volgens de mensen die het weten kunnen de heetste maanden. 2 jaar geleden was het hier in deze periode weken lang rond de 40 graden en duurde het tot ver in juni voordat de eerste buien vielen. Dit jaar kunnen we nauwelijks van een droge tijd spreken. Iedere 2 à 3 weken is er wel een flinke plensbui gevallen. Voor ons is dat heel prettig. Behalve dat die buien voor wat verkoeling zorgen, ontslaan ze ons ook van de zorg om planten van voldoende water te voorzien. Veel bomen zijn sowieso al zo groot geworden dat ze het wel een paar weken zonder water redden, maar er staat ook nog veel kleiner spul, dat meer moeite heeft met langdurige droogte.

Ook de temperatuur is redelijk dit jaar en komt nauwelijks boven de 35 graden. Dat vinden wij tegenwoordig best aangenaam. In combinatie met de regelmatige neerslag zorgt die mildere temperatuur ervoor dat we in een voor mei uitzonderlijk groene omgeving leven. In eerdere jaren begon het landschap in maart al te vergelen, om pas na het losbarsten van de regentijd weer frisgroen te kleuren. En wat de levensvreugde nog het meest verhoogt is dat de ernstige smog achterwege blijft. We zijn eraan gewend dat de bergen in januari uit het zicht verdwijnen en pas na de eerste regens weer tevoorschijn komen, maar dit jaar zijn ze op een enkele dag na gewoon zichtbaar gebleven. Waar we ooit in mei al eens een AQI (Air Quality Index) van bijna 300 gehaald hebben schommelt hij nou tussen de 20 en 40. In Thailand wordt een AQI onder de 50 als goed beschouwd; in Europa wordt een grenswaarde van 25 gehanteerd. Hoe dan ook: wij zijn er blij mee.

Maar zoals gezegd: het regent en omdat het inmiddels toch al donker is, is Mieke in bed gekropen om een film te kijken. Ik zit achter de computer wat foto's te bewerken. Dan klinken er vreemde geluiden buiten. Het duurt even voordat ik doorheb wat er aan de hand is. Surya, het paard, is aan het proberen haar voerbak los te trekken. Ik pak een lamp en loop naar buiten, maar daar kan ik weinig anders doen dan bevestigen dat Surya om een of andere reden met haar voerbak aan het klooien is. In het donker en in de stromende regen kan ik daar in ieder geval niets aan doen. Ik ga weer verder met mijn foto's.

Dan prikt er iets tussen mijn tenen. Ik herken het gevoel. Het is niet ontzettend pijnlijk, maar wel reuze-irritant. Het is de beet van een piepklein miertje, dat wij millimetermiertje gedoopt hebben. Vooral in het begin van de regentijd zijn deze beestjes volop actief en meestal zijn ze dan ook meteen met honderden tot duizenden tegelijk. Ze bijten niet, behalve wanneer ze zich bedreigd voelen, en dat laatste is nogal gauw het geval. De prik de ik voel komt van een millimetermiertje dat onbezorgd over mijn voet wandelde, maar zich vervolgens vastliep tussen twee tenen. Dat voelde reuze-bedreigend aan en dat moest ik met een beet bekopen.

De prik is zoals gezegd heel irritant, en jeukt, maar dat gevoel trekt, nadat ik het miertje tussen mijn tenen uit geveegd heb snel weg. Dan volgt er nog een prik. En nog een. En alweer een paar. En nog een stuk of wat. Ik vrees dat ik zojuist bij Surya's wei in een kolonie millimetermiertjes heb gestaan en er daar een stel van mee naar binnen heb genomen. Ik stap even onder de douche om mijn benen af te spoelen, maar zodra ik weer zit begint het prikken weer. Met een lamp inspecteer ik de vloer en precies waar ik mijn voeten heb staan als ik aan de computer werk blijkt iets te liggen dat de miertjes lekker vinden. Vanaf daar loopt een mierensnelweg naar het midden van het vloerkleed en daarvandaag een supersnelweg naar buiten. Vlak voor de deur ligt een dode kikker en daaromheen krioelt het van de mieren. 

Het is duidelijk. Om het probleem op te lossen moet de dode kikker opgeruimd worden en als man neem ik dan natuurlijk mijn verantwoordelijkheid. Ik sla mijn lungi om, pak een stuk wc-papier, raap de dode kikker op en gooi hem over het hek, om te voorkomen dat de honden het lijk weer terugbrengen. Dan begint het op veel meer plekken te prikken. Mijn lungi had over mijn stoel gehangen en daarbij de grond geraakt en je raadt het al: hij zat onder de miertjes. Die waren massaal op mijn benen gesprongen en hadden daar de weg omhoog gekozen. Bijten deden ze niet... totdat ze zich vastliepen. Ik geloof dat het niet nodig is om nader in detail te treden. 

Ik had het kunnen weten. Wie kwaad doet aan andere wezens zal daar vroeg of laat de prijs voor moeten betalen. In onze vorige blog beschreef ik hoe we het legsel van een mierenkolonie via een omelet verorberd hadden... nu maak ik kennis met de wraak van de mieren. Na een lange douchebeurt had ik me ervan bevrijd. 

Insecten die we nog moeten proberen zijn onder meer kakkerlakken, sprinkhanen, pissebedden en vogelspinnen. Ik weet niet of ik daar wel aan durf te beginnen. 

02 mei 2022

Miereneters

Een paar keer per week lopen we het plaatselijke restaurantje binnen. Niet alleen om er te eten of een maaltijd af te halen, maar ook om pakjes op te pikken die bezorgers daar hebben afgegeven omdat ze ons huis niet konden vinden. Onze woonplek is namelijk een van de weinige die nog niet door google maps is gevonden. En de straatnamen en huisnummers zijn hier niet zo verambtenariseerd als in Nederland. Moe 1 heet onze straat, maar alle andere straten in het dorp heten ook zo. Moe 1 betekent eigenlijk meer iets als wijk 1, of gehucht 1. Alle huizen in Nong Noi hebben dus Moe 1 in het adres, en de huisnummers hebben wel een soortement volgorde, alleen welke dat is, is ons nog niet duidelijk. Gelukkig voor de pakjesbezorgers weet google wel welk nummer waar ligt, behalve dus nummer 309, ons huisje.

Nu is het hier in Thailand gebruikelijk dat een bezorger even opbelt als hij onderweg is, zodat je weet dat hij eraan komt en hij (het is vrijwel altijd een hij) zeker weet dat je thuis bent. Ben je niet thuis, dan kan je aangeven waar het pakketje kan worden bezorgd. Tenminste, dat vermoed ik. Want een telefoongesprek voeren in het Thais is nog een heleboel bruggen te ver voor ons. Zo'n gesprek gaat ongeveer als volgt.
Hij: "สวัสดี ฉันมาจากบริการส่งพัสดุและจะไปกับคุณในอีกครึ่งชั่วโมง คุณอยู่บ้านไหม?"
Wij: "Poet thai nied noj, khun poet angkrit mai?" (Wij spreken maar een klein beetje Thais, spreekt u Engels?)
Hij: ".............. ehhhhhhh .......... สวัสดี ฉันมาจากบริการส่งพัสดุและจะไปกับคุณในอีกครึ่งชั่วโมง คุณอยู่บ้านไหม?"
Nee dus, hij spreekt geen Engels. Waarom zou hij ook? Wij zouden Thais moeten kunnen spreken. Maar we zijn niet voor één gat te vangen en zetten onze eerste joker in: "Rao joe baan" (wij zijn thuis). Nu is het afwachten. Wordt het gesprek snel afgesloten, dan kunnen we binnen een halfuurtje de bezorger verwachten. Maar er kan ook zoiets volgen als: "ช่วยบอกหน่อยได้ไหมว่าบ้านคุณอยู่ที่ไหน เพราะฉันไม่รู้ว่าจะไปที่นั่นได้อย่างไร". Dan is het tijd voor joker 2: "Raan ahaan Woongtang" (restaurant Woongtang). Daarmee is de beller meestal wel tevreden. Hij kan het pakketje afgeven bij het restaurant en dat is voor hem wel zo gemakkelijk. En wij weten dan dat we het daar op kunnen halen.

De postbode weet gelukkig wel waar ons huis ligt. Hij komt niet dagelijks, en daar zijn wij blij mee, want meestal komt hij als we van onze welverdiende siësta genieten. Hij stopt met zijn brommer voor het hek en wacht even of we hem zien. Blijkt dat niet het geval te zijn (hetgeen vanwege die siësta voor de hand ligt) dan toetert hij. Reageren we ook daar niet op dan gaat hij heel hard roepen. Meestal ontwaken onze honden dan wel uit hun siësta, en daar worden wij dan ook wakker van. Dan moeten er snel een lungi omgeslagen en een T-shirt aangetrokken worden. De postbode blijft geduldig staan wachten tot een van ons uiteindelijk een keertje bij het hek arriveert en geeft dan zonder mopperen de post af. Om onze vriend Primo nog maar eens te citeren: "In Nederland hebben ze horloges, in Thailand hebben ze de tijd". Er hangt overigens wel een bel aan de poort, maar die gebruikt niemand hier.

Maar goed, ik wou het eigenlijk helemaal niet over bezorgers hebben, maar over ons bezoek van vorige week aan het restaurantje. Het hek van de parkeerplaats was dicht, dus het leek gesloten, maar het andere hek, bij het winkeltje, was wél open, dus we liepen even naar binnen om te kijken of we een maaltijd af konden halen. Somtjid, de vrouw van de kok, verwelkomde ons enthousiast en vertelde dat ze iets heel speciaals hadden. Ze troonde ons mee naar een pan met water waarin een vage, glibberige substantie onderin lag en een flinke hoeveelheid mieren dreef. "Khai mot" (miereneieren), zei ze trots. Ze had die ochtend het mierennest in een boom zien hangen en Pradith, haar man, erbij gehaald om te helpen. Terwijl hij de pan vasthield porde zij met een stok in het nest, zodat de eitjes in de pan vielen. En met de eitjes kwamer er ook de nodige mieren mee. Proestend vertelde ze hoe eitjes en mieren niet alleen in de pan, maar ook op Pradith terechtkwamen en hij uiteindelijk helemaal onder zat.

Miereneieren zijn hier een lekkernij, waarvan maar in een beperkte periode genoten kan worden. Het gaat om eieren van een specifieke mierensoort die alleen rond deze tijd van het jaar haar legsel produceert. Of we wilden proeven, vroeg Somtjid. Dat was ...ehhh... even slikken, want heel aantrekkelijk zag de inhoud van de pan er niet uit. Maar nadat ze ons verzekerd had dat het niet om rauwe eieren ging, maar dat ze zouden worden meegebakken in een omelet durfden we het wel aan. ("Hoeveel eieren heb je wel niet nodig voor zo'n omelet?" vroeg mijn collega. Hij zag het plaatje al voor zich van al die eitjes die kapotgetikt werden. De basis van de omelet was echter gewoon kippeëi.)

Eigenlijk viel het een beetje tegen. De miereneieren zouden een beetje een zurige smaak moeten hebben, maar die was niet goed te proeven. We hebben allebei nog een eitje uit de omelet gevist om dat apart te proeven. Veel smaak zat er niet aan. Het delicatesse-karakter ervan ontging ons in ieder geval. 

Binnenkort is het weer tijd voor de volgende lekkernij, als op een avond miljoenen en miljoenen mieren uitvliegen. De meeste daarvan zijn gewone mieren, maar er zitten ook dikke rode exemplaren tussen en die schijnen niet te versmaden te zijn. Bijna iedereen is op de avond dat ze uitvliegen in de weer om ze te vangen; restaurants geven er een goede prijs voor. Misschien binnenkort dus weer een nieuwe culinaire ervaring.

12 april 2022

Cardiopulmonale resuscitatie

Ruim 5 jaar wonen we nu in Thailand en nog regelmatig laten we ons door gebeurtenissen verrassen. Zo zaten we ineens opgescheept met twee piepkleine baby-mini-eekhoorntjes. Himalayan striped squirrels heten ze in het Engels, en de wetenschappelijke naam is tamiops mcclellandi. Een Nederlandse naam heb ik niet kunnen vinden. We noemen ze maar chipmunks, naar de kleine eekhoornsoort waar ze nog het meeste op lijken. Mieke had wel eens laten vallen dat we nu zo veel bomen en struiken hebben staan dat er best leefgebied is voor een koppel eekhoorns. Maar dat ze nog eens al haar moeder- en verpleegsterskwaliteiten moest gaan aanspreken had ze niet kunnen vermoeden.

Daar liggen ze dan voor haar, in een haastig geïmproviseerd nest. Onderin een warmtematje dat normaal in koude winternachten dienst doet om te voorkomen dat de baardagame in winterslaap gaat. Op zich zou hij dat best mogen, maar omdat het 's winters overdag toch weer tot zo'n 30 graden oploopt, is het beter om dat te voorkomen. De oogjes zijn nog permanent dicht; aan de hand van beelden die we online vinden schatten we ze hooguit zo'n 3 weken oud. Viavia kregen we het advies om ze een bepaald soort babyvoer te geven. 

Dat blijkt makkelijker gezegd dan gedaan. Mieke heeft de nodige ervaring met het grootbrengen van ouderloze dierenbabies, zoals onder meer uit deze eerdere blogs blijkt. Maar de chipmunks zijn niet echt happig op de spuit met babyvoer. We denken, of misschien is het hopen, dat ze gewoon nog even moeten wennen en dat ze als ze honger krijgen wel zullen toehappen. Maar het blijft een worsteling om het voer bij ze naar binnen te krijgen. 

Na een dag of twee moeten we toch iets anders ondernemen. We besluiten er dan maar mee naar de dierenarts te gaan, om te checken of we wel op de goede weg zijn. Dan komt de domper: een van de beestjes ligt dood in het nest. Mieke geeft de andere zo goed en zo kwaad als het gaat wat voer en pakt dan de dode chipmunk. Zomaar in de compostbak gooien ziet ze niet zitten, dus er moet toch maar een kuiltje voor gemaakt worden in de tuin. Dan, in een opwelling, begint ze het beestje zachtjes met een vinger op de borst te tikken, ze blaast wat lucht over het snoetje, tikt weer een aantal keren, blaast, tikt en na een paar minuten begint de chipmunk zowaar weer met haar pootjes en kopje te bewegen. 

De dierenarts constateert dat ze er inderdaad niet zo goed aan toe zijn en dat het voer dat ons geadviseerd werd totaal ongeschikt is. De beestjes blijven 2 dagen daar en als we ze weer ophalen zijn ze al flink opgeknapt. Het voer dat we nu hebben gaat er grif in. Binnenkort mogen ze hun eerste fruithapje. 

We zijn benieuwd hoe het verder gaat. Als ze het overleven gaan we ze uiteindelijk voeren in een soort nestkastje in een boom en dan kunnen ze zelf besluiten of ze hier blijven wonen of toch een andere plek opzoeken. We hopen natuurlijk het eerste, en de kans daarop is ook redelijk groot, want voor de dichtstbijzijnde andere geschikte woonplek moeten ze de open rijstvelden oversteken en daar zijn ze niet dol op. Dus wie weet, heeft Mieke straks haar inwonende koppeltje eekhoorns.

Voor mij persoonlijk is het dan weer een veilig gevoel om te weten over welke magische reanimatiekwaliteiten mijn lief beschikt. Voor mij geen andere woonplek dus.

27 maart 2022

Leren op de berg

De Songkran-vakantie staat voor de deur. Songkran is het traditionele Thaise nieuwjaar dat op 13 april wordt gevierd. Het markeert volgens sommigen ook het begin van de regentijd, maar dat is vooral wishfull thinking. Vorig jaar vielen de eerste buien inderdaad niet al te lang na Songkran, maar in de jaren ervoor duurde de droogte soms tot ver in juni. April en mei zijn de warmste maanden, dus het heeft ook een praktische reden om in die maanden de grote vakantie te houden.

De mensen die via FERC (Foundation for the Education of Rural Children) een Thaise scholier sponsoren hebben in de afgelopen weken een korte rapportage ontvangen van de vorderingen. Dat ziet er bijvoorbeeld zo uit: "Kullawat is nu 16 jaar oud. Zijn GPA is gestegen van 3,51 naar 3,80. Een prima prestatie, zeker als je beseft dat er vrijwel uitsluitend online geleerd kon worden. Kullawat's favoriete vakken zijn Engels, Muziek, Sociale studies en Sport. Hij wilde altijd in het toerisme werken, maar heeft zijn doel nu veranderd en wil later iets in design gaan doen. Thuis helpt hij zijn moeder in huis en met koken. Hij werkt mee aan een online campagne voor covid-preventie. Zijn hobbies zijn lezen, zingen, muziek maken en sport."

Het is een algemeen, en verrassend beeld dat de studieresultaten een stijgende lijn laten zien. De online lessen zijn namelijk op geen enkele manier vergelijkbaar met de interactieve vormen die wij kennen. Voor de meeste leerkrachten is online lesgeven iets compleet nieuws en in de praktijk betekent het vaak uitsluitend eenrichtingverkeer, zonder de leerlingen er actief bij te betrekken. Bovendien kunnen de scholieren zich meestal niet rustig terugtrekken op een eigen kamer, want die hebben ze niet. Zelfs een tafel en stoel zijn helemaal niet vanzelfsprekend in de huisjes van veel Thai. 

Veel van de gesponsorde scholieren komen uit de bergdorpjes, waar de voorzieningen nog een stuk minder zijn dan in de stad. Eén van de scholieren vertelde dat ze bij familie in een ander dorp haar telefoon moet opladen. Dan loopt ze de berg op tot ze bijna boven is en pas daar heeft ze internetbereik. Ze zit dan in het gras de lessen te volgen en aantekeningen te maken. Als haar batterij leeg is gaat ze die weer opladen en dan belt ze met een klasgenootje om te horen wat ze gemist heeft. Dat probeert ze dan zelf in de boeken na te lezen. Petje af en geweldig om te zien hoe die tomeloze inzet vruchten afwerpt.

Waar wij rapportcijfers hebben van 0 tot 10 werken ze in Thailand met een GPA, een Grade Point Average. De GPA is een schaal die loopt van 0 tot 4. Ook voor alle afzonderlijke vakken krijgen scholieren een beoordeling op een 4-puntenschaal. Uiteindelijk wordt uit al die beoordelingen het gemiddelde genomen. Dat is dan de GPA. De GPA van Kullawat is zeer hoog. 3,80 is vergelijkbaar met de Nederlandse 8,5. Een GPA van hoger dan 2 is wat wij voldoende noemen. 2 komt overeen met onze 5,5 en is dus hakken-over-de-sloot. GPA 1 is de Nederlandse 4 en alles lager dan onze 4 is hier een 0.

Dat Kullawat zijn studiedoel heeft veranderd heeft alles te maken met de pandemie. Voor scholieren en studenten die een toekomst in het toerisme voor zich zagen is pijnlijk duidelijk geworden dat die toekomst niet zo zeker is als ze misschien altijd gedacht hadden. Goed beschouwd geldt dat eigenlijk voor alle studies (en voor design misschien nog wel veel meer), maar de dramatische instorting van het toerisme heeft daar de zwakke plek wel keihard blootgelegd. Van de FERC-scholieren zijn er inmiddels 3 die een andere richting ingaan dan het toerisme dat ze eerst gekozen hadden.

Zelfs mét de ondersteuning door FERC is school voor 2 scholieren toch nog te duur geworden. Ze zijn van school gegaan en hebben een baantje gezocht om zo wat extra inkomen voor het gezin te verdienen. De kosten van school worden weliswaar door de FERC-sponsor gedekt, maar de kosten voor levensonderhoud lopen door en met een klein baantje buiten de deur kunnen de kinderen daarin bijdragen. Als je bijna niks hebt is school ineens een luxe.

Het wegvallen van het toerisme is niet alleen in de sector zelf voelbaar. De stijging van het aantal mensen met nauwelijks of geen inkomen heeft overal gevolgen. Sinds de corona-uitbraak is de schooluitval onder 15- tot 18-jarigen landelijk bijna 50%. Een schrikbarend hoog getal. Wat dat betreft maakt FERC met 2 uitvallers op bijna 80 scholieren toch nog steeds wel een verschil.

(Lees hier meer over FERC)

18 maart 2022

Zo werkt democratie

Een trotse premier Rutte zei tijdens een partijbijeenkomst op de avond van de gemeenteraadsverkiezingen dat we de wereld die dag hadden laten zien hoe democratie werkt. We konden ons dat niet zo goed voorstellen, maar het blijkt te kloppen. Toen we vandaag door het dorp liepen werden we aan alle kanten aangeklampt en gefeliciteerd met het geweldige voorbeeld van democratie dat we de wereld hebben getoond. Rutte kon hier toch al niet meer stuk sinds dit filmpje op de Thaise televisie te zien was.

Het bedoelde fragment begint op 5:43. Om daar meteen heen te gaan kun je het beste deze url kopiëren en plakken: https://www.youtube.com/watch?v=TupVC3VpQfM#t=5m43s

Op sociale media werd dat dan vaak meteen gevolgd door het volgende filmpje van de Thaise premier.

Maar goed, ik dwaal af. We zijn maar eens even op onderzoek uitgegaan, want we waren wel benieuwd wat de verpletterende indruk die de Nederlandse gemeenteraadsverkiezingen hier gemaakt hebben zou kunnen verklaren. (5 werkwoorden achter elkaar. Nederlands is toch een prachtige taal die iedereen wel zou willen hebben kunnen zitten blijven schrijven.)

De mensen hier in Nong Noi zijn vooral enthousiast over de versnippering in Nederland. Je wilt één bepaald probleem aanpakken? Dan richt je een politieke partij op. Je bent het niet eens met je fractieleider? Afsplitsen maar. Geen enkele partij heeft een programma dat je volledig aanspreekt? Begin er zelf een. Grote indruk maakte hier de lokale partij Echt voor Barendrecht, die zo maar 20 van de 29 zetels won. Enkele dorpsbewoners hebben al de partij Hoihoi voor Nong Noi opgericht en anderen proberen straks een absolute meerderheid te verwerven met Toitoi Nong Noi. Ook Nayu Nong Noi (Leefbaar Nong Noi) verwacht hoge ogen te gooien.

Wat de Nong Noi'ers ook aanspreekt in de Nederlandse democratie is dat iedereen altijd wint. Een partij verloor weliswaar maar is wél de grootste landelijke partij geworden en heeft dus toch gewonnen. Een andere partij zou weggevaagd worden na het vertrek van een populair kamerlid, maar verloor uiteindelijk slechts 20%, hetgeen als duidelijke winst wordt gezien. Weer een andere partij verloor 1/3 van de zetels maar is wel de grootste in een bepaalde stad: winst dus.

Dat in een van de steden de partij van de politicus tegen wie een corruptie-onderzoek loopt de grootste is geworden valt hier met name onder de zittende politici in goede aarde. Het doet ze goed om te zien dat dat is hoe democratie werkt.

De mensen op straat zijn echter vooral blij met het beeld dat democratie heel goed werkt als slechts de helft van de kiezers op komt draven. Ze kunnen de volgende keer met een gerust hart thuis blijven. Zo werkt democratie nou eenmaal.

27 februari 2022

Duizenddingendoekjes

Een blogloze maand, dat zou een unicum in ruim 5 Thailandjaren zijn. Maarja, om dat te voorkomen moet er natuurlijk wel inspiratie zijn, en daar ontbreekt het al een tijdje aan. Het dagelijkse Thaise leven wordt voor ons steeds meer het gewone leventje en al die zaken die ons in het begin heel erg opvielen zijn intussen ook min of meer gewoon geworden. Uitweiden over dagelijkse dingetjes leidt al snel tot herhaling van wat al eerder hier geblogd is. Maar voor wat dieper gaande beschouwingen is dan weer die eerder genoemde inspiratie nodig die er nu even niet is. 

De blogwriter heeft dus een writersblock, maar een volle kalendermaand zonder een blog, dat kan hij ook niet laten gebeuren. Dus gaat hij nou toch maar proberen van wat kleine typisch Thaise dingetjes een samenhangend verhaal te maken. En voor typisch Thaise dingetjes moet je in typisch Thaise winkels zijn. 

In een stoffenwinkeltje in Chiang Mai's Chinatown bijvoorbeeld. Mieke was eigenlijk naar iets speciaals op zoek, maar mijn blik werd getrokken door een stofje dat wel eens geschikt zou kunnen zijn voor een nieuwe lungi. Totnutoe gebruikte ik Mieke's "duizenddingendoekjes" (dunne lappen stof die tijdens reizen te gebruiken zijn als kledingstuk, laken, handdoek, schaduwdoek en nog 996 andere toepassingen) als lungi, maar die waren al een aantal jaren oud toen we elkaar in 2006 leerden kennen. Ik doe pas iets weg als het echt totaal versleten is en voor alle duizenddingendoekjes op eentje na is dat inmiddels het geval. Ik bestelde 2 meter van de stof, maar daar werd met wat verwarring op gereageerd. Ik dacht dat dat kwam doordat stoffen normaal gesproken door de vrouw besteld worden en niet door de man, maar het probleem bleek gecompliceerder. "We don't sell meters. We only sell yards." Het hoge woord was eruit. Tja, als je alleen yards verkoopt en iemand wil 2 meter, dan houdt het op. Gelukkig zijn wij de beroerdsten niet. Even overwoog ik om dan maar 2,187227 yard te bestellen. Dat zou een beetje flauw geweest zijn, want ik kon wel raden dat het probleem van de verkoopster was dat ze alleen maar een maatstok van een yard had. Dus gingen we even later blij en opgewekt met 1,8288 meter de deur uit. Zolang ik onder de 80 kilo blijf is dat ruim genoeg voor een lungi.

Lungi

Die dag dat ik naar Mieke ben gegaan
droeg zij een mooi gekleurde omslagdoek,
die gaf haar 'n onweerstaanbaar fraaie look.
Ik keek haar met verliefde ogen aan.

De koffie hebben we maar laten staan.
We gingen naar elkanders mond op zoek,
als in zo'n populair bouquetreeksboek,
waarna 'k haar uit de doeken heb gedaan.

Die doeken zijn nu bijna doorgesleten.
Toch draag ik ze best graag in 't buitenleven,
want in dit land moet je nogal eens zweten.

Nudisme vindt men hier niet echt verheven.
Zo'n omslagdoek kan echter ons poëten
toch een soort bijnablootervaring geven.

Lampang is een klein stadje en lang niet alles is daar verkrijgbaar. Omdat de vijver bij het terras steeds meer in groene soep begon te veranderen wilde Mieke een vijverstofzuiger aanschaffen. Nu staat stofzuigen voor ons beiden niet hoog op de lijst van nuttige werken, maar andere manieren om het water helderder te krijgen faalden. Dus werd de stofzuiger online besteld en een paar dagen later afgeleverd. Met een Chinese stekker eraan. De kans dat we de leverancier zover konden krijgen om een ander apparaat, nu met Thaise stekker, te sturen leek ons nihil, dus ging ik op pad voor een verloopstekker. En daar liep ik tegen het typisch Thaise verschijnsel aan dat vrijwel alle verlengsnoeren en verloopstekkers geschikt zijn om een geaarde stekker in te steken, maar zelf geen geaarde stekker hebben. We hebben zelfs een haspel met speciale beveiliging zodat er uitsluitend geaarde stekkers in kunnen, maar de stekker van die haspel zelf is niet geaard. Voor een elektrisch apparaat dat we in het water moeten houden leek me dat geen goede keuze. Ik probeerde bij verschillende verkopers duidelijk te maken dat ik een verloopstekker met 3 pennen nodig had en al die verkopers demonstreerden me dat een 2-polige stekker ook in een 3-polig stopcontact paste. Je zag ze denken ฝรั่งแปลก (rare buitenlander), die stekker past toch gewoon. 

Uiteindelijk heb ik gelukkig gevonden wat we nodig hadden. Met mijn aanwinst stond ik bij de kassa. Voor me was een wat oudere Thaise man met een weelderige grijze haardos aan het afrekenen. Op een gegeven moment keek hij me aan en begon breed te grijnzen. Hij zei iets tegen de vrouw die bij hem stond waarna ze beiden begonnen te schaterlachen. Ik had geen idee wat er zo leuk was en lachte vriendelijk terug, hetgeen maar beperkt zichtbaar was vanwege mijn mondmasker. Hikkend kwam de man nu naar me toe en begon iets te vertellen, vermoedelijk wat hem zo aan het lachen had gemaakt. Toen hij zag dat ik het niet begreep plukte hij eerst met zijn handen in zijn haar en zei "phom" (ik). Daarna pakte hij mijn baard en zei "khun" (jij). Hij begon weer onbedaarlijk te schateren. We hadden hetzelfde haar, alleen hij bovenop en ik onderaan mijn gezicht. Reuzegrappig, maar echt meeschateren in zo'n winkel lukte me helaas niet. Ik probeerde me wel voor te stellen hoe het zou zijn als deze man zo'n zelfde actie zou uithalen bij de kassa van de Gamma. Ik zou het hem afraden.

Nu het toch gaat over taferelen die in Nederland ondenkbaar zijn moet ik ook nog even de dierenarts noemen. Er is in Lampang een wat luxere dierenkliniek, die qua voorzieningen overigens nog niets is vergeleken bij een eenvoudige Nederlandse dierenartsenpraktijk, maar daar hebben ze eigenlijk alleen maar ervaring met honden en katten. En wij zaten met een zieke schildpad. We gaan niet tot het uiterste allerlei behandelingen laten uitvoeren, maar het probleem van de schildpad moest zo te zien redelijk makkelijk op te lossen zijn. In de luxere kliniek wisten ze er echter geen raad mee. Viavia hoorden we dat er net een nieuwe dierenartsenpraktijk was bijgekomen, met een dierenarts die gespecialiseerd is in exotische dieren. En inderdaad, die zag meteen wat er mis was. Tot zover niks bijzonders. Maar wat ik jullie niet wilde onthouden is het plaatje van dierenarts, assistente en Mieke die bij de schildpad op de grond zitten, geduldig wachtend tot het dier zich genoeg ontspant om een soort vocht-infuus aan te brengen. Dat duurde ruim een kwartier, maar daar zit niemand mee. Iedereen heeft alle tijd. Wat een heerlijk land, realiseren we ons dan weer.

Intussen worden hier in Thailand de inreisbeperkingen steeds verder versoepeld. Het is alweer 2 jaar geleden dat we voor het laatst vrienden uit Nederland op bezoek hadden. We redden het hier gelukkig prima met zijn tweetjes, maar kijken toch ook wel uit naar de bezoekjes die al zo lang zijn uitgesteld. Een dubbel gevoel, want we zitten nu, eind februari, met smogwaardes die nog niet eerder zo laag waren in deze tijd van het jaar, en we zien zelfs de bergen nog, die normaal gesproken rond de jaarwisseling in de smog verdwijnen om daar pas na de eerste regens weer uit tevoorschijn te komen. Het verminderde vliegverkeer speelt daar ongetwijfeld een rol in. En toch is er de behoefte om weer eens familie en vrienden te zien. We zijn net gewone mensen.